In 2007 werd Daniel Ortega president van Nicaragua. Ortega is een voormalige guerrillaleider en was al eerder president van het land van 1985 tot 1990. Hij werd opnieuw verkozen in 2006 en trad officieel aan als president op 10 januari 2007.
Ortega is lid van de Sandinistische Nationale Bevrijdingsfront (FSLN), een politieke partij die hij mede oprichtte en die een belangrijke rol speelde in de revolutie van 1979 die leidde tot het omverwerpen van de dictatuur van de Somoza-familie. Onder zijn leiding heeft Nicaragua een aantal sociale programma’s geïmplementeerd om de armoede te bestrijden en de economische ontwikkeling van het land te bevorderen.
Ortega’s presidentschap is echter niet zonder controverse geweest. Er zijn beschuldigingen van corruptie, schendingen van de mensenrechten en het ondermijnen van de democratie. Zijn tegenstanders beschuldigen hem ervan de grondwet te hebben gewijzigd om zijn macht te consolideren en verkiezingen te manipuleren om aan de macht te blijven.
Desondanks geniet Ortega nog steeds populariteit onder een deel van de bevolking, met name onder de armen en degenen die profiteren van zijn sociale programma’s. Zijn politieke tegenstanders en critici blijven echter strijden voor meer democratie en transparantie in het land.
In 2021 braken er massale protesten uit tegen het regime van Ortega, waarbij de regering hardhandig optrad tegen de demonstranten. De internationale gemeenschap heeft de situatie veroordeeld en opgeroepen tot een vreedzame oplossing van de crisis in Nicaragua.
Het presidentschap van Daniel Ortega blijft een omstreden onderwerp in Nicaragua, met verdeeldheid tussen zijn aanhangers en tegenstanders. De toekomst van het land en zijn politieke stabiliteit blijven onzeker in het licht van de voortdurende politieke en sociale onrust.