In de periode van 1990 tot 1997 was Mary Robinson de eerste vrouwelijke president van de Ierse Republiek. Robinson, geboren op 21 mei 1944, maakte geschiedenis door de eerste vrouw te worden die het hoogste ambt van het land bekleedde.
Robinson was een vooraanstaand advocaat en mensenrechtenactivist voordat ze president werd. Ze was lid van de Ierse Senaat en diende als VN Hoge Commissaris voor de Mensenrechten van 1997 tot 2002. Haar presidentschap werd gekenmerkt door haar inzet voor sociale rechtvaardigheid en gelijke rechten voor alle burgers van Ierland.
Tijdens haar ambtstermijn als president zette Robinson zich in voor de verbetering van de levensomstandigheden van de minderbedeelden en de bescherming van de rechten van vrouwen en kinderen. Ze stond bekend om haar openheid en toegankelijkheid en werd alom gerespecteerd om haar integriteit en vastberadenheid.
Robinson’s presidentschap betekende een keerpunt in de geschiedenis van Ierland en opende de deuren voor meer vrouwen om actief deel te nemen aan de politiek en het openbare leven. Haar nalatenschap als pionier en rolmodel voor vrouwen in Ierland en daarbuiten zal altijd worden herinnerd en gevierd.
Na haar ambtstermijn als president heeft Mary Robinson zich blijven inzetten voor de strijd voor mensenrechten en sociale rechtvaardigheid, zowel in Ierland als wereldwijd. Haar onvermoeibare inzet en vastberadenheid hebben haar tot een van de meest bewonderde en gerespecteerde leiders van onze tijd gemaakt.