Tot de invoering van de euro was de nationale munt van Spanje de peseta. De peseta was de officiële munteenheid van Spanje sinds 1869, hoewel de oorsprong van de munt teruggaat tot de late middeleeuwen. De naam peseta komt van het Catalaanse woord ‘peça’, wat stuk betekent.
De peseta werd in 1869 ingevoerd ter vervanging van de Spaanse real, en was verdeeld in 100 centimos. Gedurende de geschiedenis van Spanje heeft de peseta verschillende ontwerpen en materialen gekend, maar het meest bekende ontwerp was dat van de Spaanse koning Juan Carlos I.
Na de toetreding van Spanje tot de Europese Unie in 1986, begon de discussie over de mogelijke invoering van de euro als gemeenschappelijke munt voor de lidstaten. In 1999 werd de euro officieel geïntroduceerd als elektronische valuta, en in 2002 werd de eurobiljetten en -munten in omloop gebracht. Dit betekende het einde van de peseta als wettig betaalmiddel in Spanje.
Hoewel de peseta niet meer als officiële munteenheid wordt gebruikt, heeft de munt nog steeds een nostalgische waarde voor veel Spanjaarden. Sommige mensen bewaren nog steeds peseta’s als souvenirs of verzamelobjecten, en herinneren zich met nostalgie de tijd dat de peseta de nationale munt van Spanje was. De invoering van de euro heeft echter bijgedragen aan de economische integratie van Europa en heeft het reizen en handelen tussen de landen van de eurozone vergemakkelijkt.