Sarde en De Levita zijn twee namen die de afgelopen tijd veel in het nieuws zijn geweest vanwege hun betrokkenheid bij omstreden zaken. Sarde is een cineast die verdacht wordt van misbruik, terwijl De Levita bekend staat als de maker van De Joodse Raad, een controversiële organisatie tijdens de Tweede Wereldoorlog waarvan een vervolgserie door de NPO geblokkeerd werd.
Sarde, wiens echte naam Job Gosschalk is, is een bekende Nederlandse filmregisseur en theaterproducent. Hij werd in 2017 beschuldigd van seksueel misbruik door meerdere acteurs en medewerkers. Na deze beschuldigingen kwamen er nog meer verhalen naar buiten over zijn grensoverschrijdende gedrag. Gosschalk heeft deze beschuldigingen nooit publiekelijk ontkend, en heeft zelfs toegegeven dat hij in het verleden “over grenzen is gegaan”. Hij heeft sindsdien zijn carrière op een laag pitje gezet en is bezig met het verwerken van zijn verleden.
De Levita, wiens volledige naam David de Levita is, was een prominente figuur binnen de Joodse gemeenschap in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hij was een van de oprichters van De Joodse Raad, een organisatie die door de Duitse bezetter werd opgericht om de belangen van de Joodse gemeenschap te behartigen. De Raad werd echter al snel controversieel vanwege het feit dat ze meewerkten met de Duitse autoriteiten en de deportatie van Joden naar concentratiekampen faciliteerden.
Onlangs zorgde De Levita opnieuw voor ophef toen bekend werd dat de NPO een vervolgserie over De Joodse Raad had geblokkeerd. Volgens de omroep was de serie te controversieel en gevoelig vanwege de rol die De Levita en andere leden van de Raad speelden tijdens de oorlog. Dit leidde tot kritiek van historici en filmmakers die vonden dat het belangrijk was om deze zwarte bladzijde uit de Nederlandse geschiedenis onder ogen te zien en te bespreken.
Kortom, zowel Sarde als De Levita zijn namen die om verschillende redenen voor ophef hebben gezorgd. Sarde vanwege zijn vermeende misbruik en De Levita vanwege zijn betrokkenheid bij een controversiële organisatie tijdens de oorlog. Beide kwesties roepen vragen op over verantwoordelijkheid, ethiek en het omgaan met beladen geschiedenissen.