Het oude huis stond er al jaren verlaten bij. De ramen waren gebroken, de deuren hingen scheef en het onkruid groeide meters hoog in de tuin. Het leek alsof de tijd had stilgestaan in dit vervallen gebouw.
Toch was er iets bijzonders aan de hand in dit oude huis. Er gingen geruchten rond dat er een geest rondwaarde, een geest die niet rustte totdat hij zijn doel had bereikt. Mensen durfden niet naar binnen te gaan, bang voor wat ze zouden aantreffen.
Op een dag besloot een moedige groep vrienden het huis te betreden. Ze slopen door de gebroken ramen naar binnen en voelden meteen de koude rillingen over hun rug gaan. Ze hoorden vreemde geluiden en zagen schimmen voorbij flitsen. De spanning was om te snijden.
Plotseling hoorden ze een zachte stem die hen toefluisterde: “k Teer weg in dat oude huis.” Het leek alsof de geest met hen sprak, alsof hij zijn verhaal wilde vertellen. De vrienden besloten hem te volgen, nieuwsgierig naar wat er zou gebeuren.
Langzaam maar zeker leidde de geest hen door het huis, langs donkere gangen en stoffige kamers. Uiteindelijk bracht hij hen naar een verborgen kamer waar een oude kist stond. De geest wees naar de kist en fluisterde opnieuw: “k Teer weg.”
De vrienden openden de kist en vonden binnenin een kaart met daarop een oud landhuis. Het was alsof de geest hen wilde helpen om het mysterie van het oude huis te ontrafelen. Met de kaart in handen verlieten ze het huis, in de hoop het raadsel op te lossen en de geest eindelijk rust te geven.