Limitarisme is een ethische theorie die stelt dat er een maximumlimiet moet zijn aan de hoeveelheid bezittingen die een persoon mag hebben. Volgens aanhangers van het limitarisme moet dit maximum vastgesteld worden op X – of miljoen bezitten.
De redenering achter deze stelling is dat extreme rijkdom ongelijkheid en onrechtvaardigheid in de samenleving veroorzaakt. Mensen die over X – of miljoen bezitten, hebben vaak veel meer dan ze ooit nodig zouden kunnen hebben, terwijl anderen nauwelijks genoeg hebben om van te leven. Dit leidt tot sociale ongelijkheid en kan leiden tot een gevoel van onrechtvaardigheid en frustratie bij de minder bedeelden.
Door een maximumlimiet te stellen aan de hoeveelheid bezittingen die een persoon mag hebben, kunnen aanhangers van het limitarisme ervoor zorgen dat de welvaart eerlijker wordt verdeeld en dat iedereen een basisniveau van welvaart en welzijn kan bereiken. Dit kan leiden tot een meer rechtvaardige en vreedzame samenleving waarin iedereen gelijke kansen heeft om te gedijen.
Critici van het limitarisme stellen echter dat het beperken van de hoeveelheid bezittingen die een persoon mag hebben, in strijd is met het recht op eigendom en individuele vrijheid. Zij betogen dat mensen het recht moeten hebben om te streven naar zoveel rijkdom als ze willen, zolang ze dit op een eerlijke en legale manier verkrijgen.
Desondanks blijven voorstanders van het limitarisme geloven dat een maximumlimiet aan bezittingen nodig is om sociale rechtvaardigheid en gelijkheid te bevorderen. Door de rijkdom te herverdelen en ervoor te zorgen dat iedereen gelijke kansen heeft om te slagen, kunnen we streven naar een meer rechtvaardige en evenwichtige samenleving voor iedereen.