Het onderwerp rekeningrijden is al lange tijd een heet hangijzer in de Nederlandse politiek. Het idee achter rekeningrijden is dat automobilisten moeten betalen voor het gebruik van de weg, op basis van onder andere de afgelegde afstand en het tijdstip van de rit. Dit zou niet alleen zorgen voor een eerlijker systeem, waarbij de vervuiler betaalt, maar ook bijdragen aan het verminderen van files en de uitstoot van schadelijke stoffen.
Ondanks de voordelen van rekeningrijden, lijkt het erop dat ook dit kabinet niet bereid is om hier werk van te maken. De afgelopen jaren zijn er verschillende kabinetten geweest die hebben gesproken over de invoering van rekeningrijden, maar tot op heden is er nog geen concrete stap gezet. Dit komt vaak door tegenstand vanuit verschillende politieke partijen en belangenorganisaties, die bijvoorbeeld vrezen voor hogere kosten voor automobilisten.
Toch lijkt het erop dat de noodzaak voor rekeningrijden steeds groter wordt. De wegen worden steeds drukker en de uitstoot van CO2 en stikstof blijft een groot probleem. Bovendien heeft de coronacrisis laten zien dat het fileprobleem tijdelijk opgelost kan worden, maar dat het structurele oplossingen vereist.
Het is dan ook teleurstellend dat ook dit kabinet niet lijkt te willen investeren in rekeningrijden. Terwijl buurlanden als Duitsland en België al stappen zetten op dit gebied, blijft Nederland achter. Het zou goed zijn als de politiek de moed zou hebben om deze impopulaire maatregel toch door te voeren en te investeren in een eerlijker en duurzamer mobiliteitssysteem.
Hopelijk zal de druk vanuit de samenleving en het bedrijfsleven ervoor zorgen dat rekeningrijden alsnog op de politieke agenda komt en dat er concrete stappen worden gezet. Het is tijd voor actie, voordat het fileprobleem en de uitstoot van schadelijke stoffen nog verder uit de hand lopen.