En schraal was het in die Bijbelse stad.
In de oude Bijbelse stad was het leven hard en moeilijk. De inwoners leefden in armoede en schaarste, zonder veel luxe of comfort. De straten waren stoffig en vol met puin, en de huizen waren klein en vervallen.
De mensen moesten hard werken om hun kostje bij elkaar te sprokkelen. Er was weinig voedsel en water, en de weinige gewassen die werden verbouwd leden onder de droogte. De grond was schraal en onvruchtbaar, waardoor het moeilijk was om iets te laten groeien.
Ondanks de harde omstandigheden waren de inwoners van de stad echter veerkrachtig en vastberaden. Ze hielpen elkaar waar ze konden en hielden de moed erin, ook al leek de situatie soms uitzichtloos.
Uiteindelijk slaagden ze erin om te overleven en de stad weer op te bouwen. Door hard te werken en samen te werken slaagden ze erin om de schaarste te overwinnen en een betere toekomst te creëren voor henzelf en hun kinderen.
En zo werd de eens zo schrale stad uiteindelijk een bloeiende gemeenschap, waar mensen in vrede en voorspoed met elkaar leefden. De harde tijden van weleer werden niet vergeten, maar dienden als herinnering aan de kracht en veerkracht van de inwoners van de stad.