In de klassieke oudheid was de ‘lyra’ een veelgebruikt tokkelinstrument. De lyra was een snaarinstrument dat zijn oorsprong vond in het oude Griekenland en werd bespeeld door de snaren aan te slaan of te tokkelen. Het instrument had een kenmerkende klank die vaak werd gebruikt bij muzikale optredens en ceremonies.
De lyra had een compacte vorm en was makkelijk te bespelen, waardoor het een populair instrument was onder muzikanten en entertainers in de oudheid. Het werd vaak gebruikt in combinatie met andere instrumenten zoals de aulos (een dubbele fluit) en de kithara (een soort lier), om zo een harmonieus geheel te vormen.
Het bespelen van de lyra vereiste vaardigheid en precisie, aangezien de snaren op een bepaalde manier moesten worden aangeslagen om de gewenste klanken voort te brengen. Muzikanten die de lyra beheersten, werden vaak bewonderd om hun talent en creativiteit.
Tegenwoordig is de lyra nog steeds een geliefd instrument in de klassieke muziekwereld en wordt het regelmatig gebruikt bij uitvoeringen van oude Griekse en Romeinse muziekstukken. Het heeft een blijvende impact gehad op de muzikale geschiedenis en blijft tot op de dag van vandaag een bron van inspiratie voor vele muzikanten en componisten.