Het Franse woord voor jugendstil is art nouveau. Deze kunststroming, die in de late 19e en vroege 20e eeuw populair was, kenmerkte zich door organische vormen, asymmetrie en een decoratieve stijl. De naam art nouveau, wat letterlijk “nieuwe kunst” betekent, werd voor het eerst gebruikt door de Belgische kunstenaar en architect Henry van de Velde.
De stijl werd gekenmerkt door het gebruik van natuurlijke vormen en motieven, zoals bloemen, bladeren en dieren, en werd toegepast in verschillende kunstvormen zoals architectuur, meubelontwerp, sieraden en grafische vormgeving.
In Frankrijk was art nouveau vooral populair tijdens de Belle Époque periode, waarin er een grote bloei was op het gebied van kunst en cultuur. Bekende Franse art nouveau kunstenaars zijn onder andere Émile Gallé, Hector Guimard en Alfons Mucha.
Art nouveau wordt vaak gezien als een reactie op de strenge en rigide stijlen die daarvoor dominant waren, zoals de neogotiek en het eclecticisme. De stroming wordt nog steeds gewaardeerd om zijn creatieve en vernieuwende benadering van kunst en design.